DE INDIVIDUELE BEGELEIDING WORDT VORMGEGEVEN MET BEHULP VAN:

  • gesprekken met het kind of de jongere;
  • spel- en ervaringsgerichte werkvormen;
  • tekenen en andere visuele materialen;
  • cognitieve gedragstherapeutische en oplossingsgerichte interventies;
  • ACT (Acceptance and Commitment Therapy);
  • EMDR;
  • psycho-educatie en praktische oefeningen;
  • ouderbegeleiding en systemische interventies;
  • dierondersteunde interventies met een therapiehond.

De begeleiding en behandeling worden afgestemd op de leeftijd, ontwikkeling en hulpvraag van het kind of de jongere. Daarbij kijk ik niet alleen naar het kind zelf, maar ook naar de omgeving waarin het kind opgroeit. Problemen staan vaak niet op zichzelf. Daarom werk ik systemisch en betrek ik, waar passend, ouders, gezin en school bij het traject.

Dierondersteunende interventies

Binnen de praktijk kan een therapiehond worden ingezet als onderdeel van de behandeling of begeleiding. De hond kan bijvoorbeeld ondersteunen bij het verminderen van spanning, het herkennen en reguleren van emoties, het oefenen met grenzen en assertiviteit en het vergroten van zelfvertrouwen.

De inzet van een hond is altijd doelgericht en wordt afgestemd op het behandelplan, de leeftijd en de behoeften van het kind of de jongere. Niet ieder traject vraagt om inzet van een therapiehond en deelname hieraan is uiteraard niet verplicht.

Samenwerken met ouders en omgeving

Ouders spelen een belangrijke rol binnen het traject. Afhankelijk van de hulpvraag vinden oudergesprekken plaats en wordt samen gekeken naar patronen, interacties en factoren die van invloed kunnen zijn op het functioneren van het kind of de jongere.

Wanneer dit helpend is, kan ook worden samengewerkt met school, het CJG of andere betrokken hulpverleners. Dit gebeurt in overleg en met toestemming van ouders en/of de jongere.

Diagnostiek

Wanneer nader onderzoek nodig is, wordt samen met ouders en het kind of de jongere bekeken welke onderzoeksvragen centraal staan. Afhankelijk van de hulpvraag kan gebruik worden gemaakt van psychologische tests, vragenlijsten, observaties en gesprekken.

Bij het onderzoek is niet alleen van belang wat ouders of school signaleren, maar ook hoe het kind of de jongere zelf de situatie ervaart. Er wordt gekeken naar zowel sterke kanten als kwetsbaarheden, mogelijke verklaringen voor de klachten en factoren die de problemen kunnen beïnvloeden of in stand houden.

Een diagnostisch onderzoek bestaat vaak uit meerdere afspraken. Na afronding worden de bevindingen met ouders en, passend bij de leeftijd, met het kind of de jongere besproken. De resultaten worden vertaald naar concrete adviezen voor behandeling, begeleiding en ondersteuning thuis en op school.

Wanneer dit voor de diagnostiek of behandeling relevant is, kunnen in overleg ook observaties plaatsvinden in de thuis- of schoolsituatie. Indien gebruik wordt gemaakt van video-opnames, gebeurt dit uitsluitend na voorafgaande toestemming.